donderdag 29 september 2016

(Geen) nieuws

Im westen nichts neues...

Een prachtig boek van Erich Maria Remarque met een geweldige titel. Terwijl hoofdpersoon Paul de uitzichtloosheid van het leven omarmd heeft en ten slotte zinloos sterft in de loopgraven van de eerste wereldoorlog, bericht het journaal van die dag: er is vandaag niets gebeurd.

En zo is het ook hier. Er gebeurt tegelijk een heleboel en niets.
De herfst is begonnen en dat is toch wel mijn favoriete jaargetijde. De kinderen zitten op school en spelen daarna met hun kameraden in een geheime hut waarvan ik ook daadwerkelijk geen flauw idee heb waar die zich bevindt, wat vrij onpraktisch is, gezien het aantal items speelgoed dat er naar toe gesleept is.
Ik begroet de mensen op straat die ik ken, waarbij het werkwoord 'kennen' zoveel betekent dat ik weet van wie het de ouders zijn, waar ze achter de kassa zitten of dat ik ze de vorige keer op de fiets ook al tegen kwam en ook begroet heb.
Als ik thuis kom drink ik thee en kijk naar het rijke aanbod van vacatures en probeer in mijn brieven de inspiratie uit mijn tenen te halen omdat ik 'zo enthousiast ben om voor uw bedrijf aan de slag te gaan'. Misschien bellen ze deze keer wel een keer terug. Maar dat gebeurt niet.


Mijn bureau kijkt uit naar de straat met daarachter de rivier waarvan het water er ongeveer 950 kilometer over gedaan heeft om mij dit spectaculair regenachtig uitzicht te geven, terwijl de auto's als kleine kinderen het water op doen spatten en ik hoop op een fietser die zich een weg tegen de wind baant, de boeggolf van bus 13 over zich heen krijgt. Maar dat gebeurt niet.



Dan denk ik na over die nieuwe reclame van een zeker merk maandverband, welke over stoere vrouwen gaat die een beetje bloed wel aankunnen en ik denk aan verwijfde voetballers met een tampon in hun neus als ze tegen iemand opgebotst zijn. Ik vraag me af waarom meiden in deodorant reclames altijd met hun armen in de lucht lopen, dansen en rennen en ik vind het er eigenlijk maar suf uitzien en denk er aan om reclamebureaus er op te wijzen dat ik vaker zweet omdat ik met mijn armen omlaag op een laptop aan het typen ben dan dat ik zweet terwijl ik als een chimpansee met m'n armen in de lucht achter bus 13 aanren. Zeker met dit weer, dat gebeurt niet.

Paul ligt die laatste bladzijde met zijn hoofd naar beneden in de modder, en als hij gestorven is en ik het boek net uit heb, belt de dokter met het bericht dat ik ook twee jaar na mijn operatie nog steeds helemaal gezond ben, en ik ga weer door waar ik mee bezig ben. Als of er niets gebeurd is.






PS. Uit het westen niets nieuws, van Erich Maria Remarque is uiteraard op bol.com te bestellen, of als PDF te downloaden. Gewoon even googelen of klikken voor een versie in het Engels

dinsdag 26 januari 2016

het roosje en de zwavelstokjes.


het is een uur of elf
geen hout meer op het vuur
geen thee meer in de pot
en alle hoop vervlogen

buiten zie ik struiken, rozen
in een strakke vriesnacht staan.
kalm, verstild, nu nog mooi,
al staan de kopjes wat verbogen.

in het donker overvallen
door koning Winter's glimmend zwaard
nadat de judaszon van januari
de lente had gelogen.


En binnen voelt een oude zwavelstok
op het randje van de schouw,
na theelicht en gestookte haard
zich in zijn ware taak bedrogen

zondag 10 januari 2016

Perceptie

"Do I look like a good muslim?
De donkere ogen van de bebaarde Syriër kijken me doordringend aan, terwijl hij een mes uit mijn messenblok pakt, en de scherpte inspecteert.
"It all depends on your perception" antwoord ik.

Een paar weken terug kwam ik hem tegen. Hij sprak me aan in het Engels.  In de stad is dat niet zo opzienbarend, maar in het dorp waar ik nu woon, betekent dat zoiets als: Hoi! Ik ben net als jij niet in dit dorp opgegroeid! Ik heb meer van de wereld gezien dan een radius van 30 kilometer!
Engelstaligheid schept in mijn ogen direct een band.
Die band leidt ertoe dat ik al snel een uur met hem zit te praten. Eerst in het Engels, daarna probeert hij ook wat gebrabbel wat Nederlands moet betekenen. Ik help hem met de uitspraak, en durf nauwelijks te vragen naar zijn odyssee van de grote stad Damascus naar het kleine Sliedrecht.
De Syriër, de vluchteling, vraagt honderd uit over Nederlandse termen.  Hij verwondert zich over de woorden ‘pantoffels’ en  ‘erwtensoep ‘ en als het onderwerp dan naar eten verandert, nodig ik hem spontaan uit een keer te komen eten.

Eenmaal thuis is mijn lief een beetje sceptisch over de invitatie. Ik vertrouw mensen te snel, wat weten we nou eigenlijk van zijn bedoelingen? Wie weet wat hij heeft meegemaakt?

En nu staat de bebaarde moslim in mijn keuken. Hij kijkt geïnteresseerd naar mijn koksmessen. Mijn lief en ik kijken elkaar licht gespannen aan.
“Would you like some tea or juice?” vraag ik.

“Do I look like a good muslim?” grinnikt de man.
“It all depends on your perception” antwoord ik.

Hij hakt als een ervaren kok de uien klein,  en maakt een heerlijk Syrisch kipgerecht. We wisselen recepten uit en ik trek een fles Sauvignon open.
De man knikt en ik schenk hem in. De Syriër, de vluchteling, toast op mij,  mijn lief en onze gastvrijheid.


Does he look like a good muslim?
I don’t know, but he seems like a decent human being.

zaterdag 14 november 2015

Bad dream

Met een schok word ik wakker. Een nachtmerrie. Die heb ik al een poosje niet gehad.Sterker nog, ik droom bijna niet meer. Mede door mijn drie koters val ik 's avonds voornamelijk in een zwart gat, om de volgende ochtend wakker te worden met het gevoel dat ik net twee minuten lig.
En nu is het 1 uur 's nachts.
Het is midden in de nacht en ik doe iets doms. Ik check mijn telefoon. En ik zie een Facebook update over Parijs. En nog een. En nog een.
En dan check ik het nieuws. Ik lees over de aanslagen en ik ben ineens klaar wakker.
De vrienden die ik heb in Parijs melden dat ze veilig zijn. Er is daar op Facebook een speciale applicatie voor. Tranen. Van schrik, van opluchting. Ik informeer mijn liefde, die gelukkig nog omarmd is door de slaap, en loop de trap af, en zet als automatisch de televisie aan. Jeroen Overbeek ziet er vermoeid uit als hij de onduidelijke situatie behapbaar probeert te maken.
En dan bekruipt een gedachte me. Deze gedachte is veel bedreigender dan elke aanslag ook. Ik wil de gedachte weg drukken, maar hij is hardnekkig.
Ik houd altijd ontzettend van het belachelijk maken van Wilders en ik dicht zijn volgers en stemmers bijzonder weinig intelligentie toe. Maar nu, om 1 uur 's nachts, word ik achtervolgd door de gedachte dat hij gelijk heeft. Ik heb angst voor dreiging in Nederland. Heb ik mezelf dan al die tijd voor de gek gehouden? Ben ik en naieve muts, die alleen het beste in andere ziet, en weigert de dreiging te accepteren?

Nee, ik dwing mezelf de televisie uit te zetten en ga weer terug naar bed. Na Charlie Hebdo komt Parijs ook hier weer bovenop.
Dat ik ooit in mijn leven zou denken over dat Wilders gelijk zou kunnen hebben: dat is pas mijn echte nachtmerrie.

donderdag 23 juli 2015

Vakantie

"Laten we iets avontuurlijks doen met vakantie!" begin ik heel enthousiast.

Het is half januari, we zitten met z'n vijven aan het toetje, en mijn liefde heeft net doorgegeven wanneer hij in de zomer vakantie neemt.
In mijn hoofd gaan we met z'n vijven als ware avonturiers liftend door Europa, om te klimmen in de bergen, zoals ik al deed sinds ik kan lopen, om de kinderen te leren met een zakmes om te gaan, zodat ze zelf hun eigen pijl en boog kunnen maken. Ik weet nog een prachtige natuurcamping met een beek waarin je dammen kan bouwen en vissen kunt vangen, welke je dan op je zelfgemaakte kampvuur kunt roosteren met een citroentje en een teen knoflook.

"Ik wil naar Bollo," begint de oudste.
"Bollo?" Mijn bohémiene wolk trekt op. "Wat is Bollo?"
Mijn lief grinnikt: "Bollo, de beer? Je weet wel, van Landal GreenParks."
Ik schrik. Natuurlijk schrik ik. "Landal?! Als in allemaal huisjes bij elkaar, mét evenveel Nederlanders, mét animatie team en op maar 1 uur rijden van ons dorp?"
"Dat is best handig hoor, als je drie kinderen hebt."
"Ja, maar avontúúr! Je gaat dan toch niet in een húisje zitten?! Wat is dáár nou aan?"
"We kunnen misschien ook naar Frankrijk naar een leuke camping,"oppert mijn lief, "maar de kinderen hebben nog nooit gekampeerd, dus dat zal misschien wel wat spannend zijn. Misschien kan je van je ouders de caravan lenen?"

Ik grijp die kans met beide handen aan. La douce France! Mais oui! Dat lijkt me geweldig. Dan maar in een caravan. Ik bel m'n ouders en zij vinden het goed.

Als de kinderen naar bed zijn beginnen we met plannen. De camping die we vinden op het internet ziet er prachtig uit. Mooie omgeving, kunst en cultuur, zwembad, slechts negen uur rijden, tien uur met caravan.

Tien uur rijden. Mét een caravan. Mét drie kinderen die nog nooit gekampeerd hebben. Drie koters achterin waarvan ik het al een uitdaging vind om naar mijn ouders te gaan op twee uur rijden, omdat ik van mening ben dat ze elkaar nog eens de hersens in slaan. Mét een caravan. Ik kan helemaal niet goed rijden met een caravan, laat staan met drie hysterische kinderen achterin. Ik begin te hyperventileren. "Dat overleven we nooit!"

Mijn lief kalmeert me. "Schatje, het hóeft niet. We kunnen ook gewoon naar een huisje in Zeeland."

Dat lijkt me al avontuurlijk zat.

Tijdloop

Waar ik moeite mee heb is mijn totale gebrek aan besef van tijd. Als ik op de klok kijk is er zo weer een uur voorbij, een dag, een maand, een seizoen.

Dan wil ik schrijven over het plan om te gaan samenwonen, gedichten maken over hoe ik Leiden zal missen, woordgrapjes maken over de stress die verhuizen met zich meebrengt. En dan heb ik net zo iets briljant bedacht, kijk ik op van mijn papier, blijkt het dat ik al bijna een maand geleden verhuisd ben.

De feiten zijn voor me op de loop, en ik heb geen illusies dat ik ze voorlopig in ga halen.

zondag 12 april 2015

Zenuwen

Het is 1.30 's nachts. Morgen speel ik mijn eerste competitiewedstrijd in 1,5 jaar, dus je zou kunnen zeggen dat ik wel gebaat ben bij een goede nachtrust. Maar ik ben wakker, klaar wakker.
Er is zo veel wat me bezighoud voor de wedstrijd. Ten eerste ligt mijn liefde naast me. Hij snurkt. Hij ademt uberhaupt. De laatste keren dat ik een (belangrijke) wedstrijd speelde had ik niet alleen geen sex voor de wedstrijd, ik sliep zelfs het liefst alleen. Maar hij komt me aanmoedigen en ik kan hem moeilijk om 1.35 uur naar de bank verbannen omdat ik moet slapen. Of wel?
Misschien moet ik zelf maar op de bank gaan liggen. Of op de vloer. 
Ik slaap wel eens op de vloer, dat ligt beter dan je zou denken, maar de ideale tijd om op de vloer te slapen is toch echt in de zomer. Mijn woonkamer is nu te koud. 
Als ik even later wakker schrik is het 3.00. De scheidsrechter had me zojuist na vijf minuten spelen een rode kaart gegeven omdat ik, per ongeluk, onhandig uitkwam en het been van een tegenstander brak. 
Ik ben zelden zo zenuwachtig, waar komt dit vandaan? 
Ik weet waar het vandaan komt. Ik ben dik en traag geworden sinds die twee operaties. En m'n reactietijd is veel groter geworden. Het voelt als maatje binnenvaartschip in plaats van maatje speedboot. 
Na nog een aantal dromen, die vooral met falen te maken hebben (ik probeer onder andere een prachtig vogeltje te redden dat rondvladderd door m'n huis, maar op t moment dat ik hem vrij kan laten door het raam, stort ie als een baksteen ter aarde en wordt hij opgepeuzeld door een raaf) is het inmiddels licht buiten. Mijn liefde ligt vreedzaam in vergetelheid en de klok tergt me met een vroege 6.45. 
Nog zes uur te gaan. 
Eigenlijk is er maar een gedachte die me gerust stelt. Ik heb dit eerder meegemaakt voor een wedstrijd. En die wedstrijd heerste ik op alle fronten.

11.00- ready to rumble. Wish me luck