dinsdag 29 juli 2014

Punctie (2)

Het goede nieuws. De punctie is volbracht. De immense pijn die ik de eerste keer had bleef gelukkig achterwege en afgezien van de stress die ik alsnog had verliep het allemaal iets soepeler. De extra pijnstillers die ik die ochtend nam bleken goed te werken.

Minder nieuws. Vooral in vergelijking met de vorige 'oogst' heb ik maar matig geproduceerd. Ik durf nog niet echt te zeggen hoeveel. Ik wil eerst afwachten tot het bericht hoeveel er in de vriezer belanden.

Dank iedereen voor alle lieve berichten!

Romance

Misschien een half uur na mijn post over mijn aankomende punctie kreeg ik een berichtje van eerder genoemde romance:



Ik steiger een beetje. Is de term romance niet goed? Is die status te min? Het is in ieder geval beter dan:
je scharrel;
je neukertje;
Of de vangst van de dag;

Dat is dan allemaal nog veel vrijblijvender.

Je kan ook kiezen voor:
je verkering, maar dan denk ik aan middelbare scholen of aan hockeytournooien, waarvan de ongeschreven regel geldt dat ze tongend wordt ingeleid in het fietsenhok;
je vriend, maar dat kan terminologisch eigenlijk iedereen zijn en is evengoed erg gendertypisch;
je partner... jeugh.. Ik zie unisex regenpakken en broodjes pindakaas voor de lunch. Of iemand die je louter meeneemt naar een borrel om desperaat te laten zien dat ze echt wel een sexleven hebben.

Dan heb je ook nog de categorie 'Nou Lopen We Een Beetje Op De Zaken Vooruit' met:
de liefde van je leven;
de parel in je oester;
de vader van je kinderen;

Dat zijn allemaal gedachten die je best wel mag hebben, maar beter niet te veel kan delen. Vooral als je elkaar op de kop af twee maanden kent. Leuk hoor, maar als je elkaars wederzijdse ouders en andere familieleden alleen van de verhalen kent, komen dat soort termen eerder psychopatisch dan liefhebbend over.

Het nichtje van mijn aanstaande schoonzuster herintroduceerde bij mij de term romance en die bleef eigenlijk meteen hangen. Het klinkt liefdevol en impliceert dat er meer speelt dan sex, meer dan vriendschap, meer dan gewoon gezellig. Niet geheel onvrijblijvend, maar we hebben het over twee maanden speelplezier.. En ik heb die mojito's nog niet gezien...



maandag 28 juli 2014

Punctie

Ik heb er niet zo veel zin in.
Morgen, op het heerlijk vroege tijdstip van 08:15 onderga ik mijn tweede punctie. Dan heb ik naast de 19 eitjes die ik twee maanden geleden al heb geproduceerd, ook nog een x-aantal embryo's in de vriezer liggen.

Ik heb er nogal gemengde gevoelens over. Over de punctie dus. Dat ik ooit wel kinderen wil en dat ik sowieso de meest briljante moeder ga worden, daar was ik al een poosje over uit. Maar die punctie zelf, daar ben ik minder enthousiast over. Hoewel ik erg uitkijk naar het moment dat die eitjes er morgen uitgehaald gaan worden, ben ik ook erg gespannen.

Als ik terug denk aan de punctie van anderhalve maand geleden, kan ik me alleen nog brute pijn herinneren. Een pijn waarvan je misselijk wordt en bang bent om de verpleegster compleet onder te kotsen. Ik was vooral verbaasd over mezelf. Ik dacht altijd dat ik best een beetje tegen pijn kon als hockeykeeper. Als je bedenkt dat ik op mijn telefoon een collectie foto's heb van de vele blauwe plekken die ooit een doelpunt voorkomen hebben, soms zelfs door de bepakking heen, dan zou je kunnen zeggen dat ik soms een beetje masochistisch ben.
En toch ervoer ik die punctie als een marteling. De verpleging wist het ook niet helemaal meer, want iemand met zoveel pijn hadden ze ook niet zo erg meegemaakt. Meteen na deze onderneming was ik er van overtuigd dat ik geen punctie meer wilde. Dat ik het nu toch doe is omdat ik vind dat pijn geen reden mag zijn om het niet te doen. Kinderen krijgen schijnt ook geen picknick te zijn, en dat weerhoudt mensen er ook niet van.

De afgelopen weken ben ik dus naast het prikken van hormonen bezig met ontspanningstherapie. Dat klinkt heel suf, en dat is het ook, maar het helpt wel iets. Mede dankzij EMDR therapie kan ik redelijk afstand nemen van het gevoel dat ik toen had. Bovendien krijg ik morgen naast de gebruikelijke pijnstilling een rits kalmeringsmiddelen.

Het fijne is dat als ik me enigszins heb hersteld na deze marteling, ik na weken alcoholische onthouding, me te goed kan doen aan de door mijn romance aan mij beloofde mojito's, en ik me eindelijk ook weer eens aan dat hockeyspelletje kan wijden. Na mijn vakantie.
Daar heb ik dan wel weer zin in.

vrijdag 25 juli 2014

Luchtbel/ Bubble

 (English below)

Zo voelt dat dus.

Hopeloos.
Ik wil de televisie eigenlijk niet meer aanzetten, ik wil niet meer op Facebook kijken, of twitter. Ik krijg een beetje genoeg van de media. Al dat verdriet. En al de discussies er omheen.
Ik voelde mij altijd bevoorrecht om als kind mee te gaan met CISV. Een organisatie die tot doel heeft kinderen van verschillende culturen bijeen te brengen, waarna die kinderen later als volwassenen beseffen dat alle mensen het zelfde zijn. Het is een beetje naief, maar wel een heel mooi beeld.

Als ik nu het nieuws lees denk ik aan de vrienden die ik gemaakt heb.
Vrienden in Oekraine, wiens ouders alle hoop op vrede opgegeven hebben.
Vrienden in Georgië, die zich verscheurd voelen door corruptie en de wurggreep die de Russen economisch gezien op hen hebben

Vrienden in Rusland, wie stilletjes kritiek hebben op hun eigen regering, maar ook niet zien hoe zij de situatie kunnen verbeteren.
Vrienden in Jordanië,en Libanon, die de verschrikkingen van hun buren gadeslaan en wanhopen van het geweld dat er tegen Palestijnse burgers gepleegd wordt.
Vrienden in Israel, die zich bedreigd voelen door een groep die hun land niet erkend en vinden dat ze zich moeten kunnen verdedigen.
En dan zijn er overal vrienden die een kant kiezen:
Zoals de Italiaan die vindt dat CISV een laf zootje voor rijkeluiskinderen is door géén statement te maken over de annihilatie van Palestijnen tijdens de jaarvergadering.
Zoals de Spaanse die haar Israelische vriendin erop wijst dat elke politicus predikt voor eigen parochie, waarna zij het verwijt krijgt hoog en droog in Madrid te zitten.
De Australiër die zijn sympathie laat blijken voor Israel door de vlag op zijn profiel te zetten, en ik er met mijn grote bek iets van moet zeggen, omdat ik ook maar een volger ben van de media.
Of de Nederlander die vindt dat we tot actie moeten overgaan en Rusland meer onder druk moeten zetten.
Maar er zijn trouwens ook nog vrienden die geen kant kiezen. Hen wordt desinterresse verweten.

Toen ik begin twintig was, nam de vader van mijn toenmalige vriendje ons mee naar het Palais des Nations in Génève. Ik stond daar, toen nog op de plek van Kofi Annan en ik keek die zaal in en ik droomde ervan ooit daar te betogen dat elk conflict in principe geweldloos opgelost zou kunnen worden. De Verenigde Naties was een magische plek waar ik deel van wilde uitmaken.
Natuurlijk was dat voor dat ik me verdiepte in de genocide in Rwanda, waarin VN soldaten niet mochten schieten, terwijl er in New York wekenlang werd gediscussieerd over de betekenis van de zin:  'acts of genocide may have occured'.
Dit was ook voordat ik nadacht over de rol van de VN in Srebrenica waarin de Dutchbatters toestonden dat een dorp werd uitgemoord.

Volgende maand word ik tweeendertig. Het is twintig jaar nadat ik voor het eerst met CISV op kamp ging en ik me vanaf dat moment een 'global citizen' voelde en er heilig van overtuigd was dat mijn generatie van intelligentia tot een vreedzame oplossing zou komen.

Ik wil de televisie niet meer aanzetten. Niet meer op Facebook kijken of op Twitter. Ik zie mijn mede-CISVers bekvechten en verlies hoop.

Het voelt alsof Doris Twitchell Allen heeft gefaald.





So, this is how it feels.

Hopeless.
I don't really want to turn on the telly anymore. I lost interest in Facebook or Twitter. I just about had enough of the media. All the sorrow and the impending discussions drive me hopeless.
I always felt privileged as a child to be able to be a delegate in several CISV programmes. CISV International is a global organization dedicated to educating and inspiring for peace through building inter-cultural friendship so that these children will grow up as adults that acknowledge and overcome their differences. It might sound naive, but I truely believe this could be.

Lately I've been watching the news though, and I think of the friends I made:
Friends in Ukraine, whose parents have lost all hope on peaceful solutions for Eastern Ukraine.
Friends in Georgia, that feel torn apart by corrupt politicians and the economic influence of Russia.
Friends in Russia, that do acknowledge things are not perfect, but think they are too small to make a difference.
Friends in Jordan and Lebanon, that see the atrocities committed to the people of Palestine and despair the outcome of actions that seem genocidal.
Friends in Israel, who feel threatened by a group of people that doesn't want to acknowledge their land and find they have to defend themselves.
And I have many friends who pick sides:
Like my Italian brother who finds CISV International has become a social travel agency for the rich dominant class, because they won't make a statement about the Palestinian annihilation during their annual meeting
Or my Spanish friend that states that Jewish politicians in the USA are preaching for the choir on CNN, where her Israeli friend comments that she knows nothing of Israel.
The Australian that shows his sympathy with the Israeli people by putting its flag on his profile pic, and me scrutinizing him for doing so, while we are both influenced by different media.
Or the Dutchman that finds we should increase pressure on Russia and try and find other energy resources.
Ofcourse there are many more friends, that don't pick sides, and they are picked on for standing by.

When I was in my early twenties, the father of my boyfriend at the time took us to his office at the Palais des Nations in Geneva. I remember standing in the great hall, on the spot where Kofi Annan held so many speeches and I was convinced that I would once stand there as a politician, convincing all that every conflict could be, and should be, solved without any use of violence. The United Nations was a magical institute that I really wanted to be a part of.
Ofcourse this was before I studied the genocide in Rwanda, where UN soldiers were not allowed to shoot, while politicians in New York kept on discussing the semantics of the frase: 'acts of genocide may have occured', for weeks.
It was also before I acquired knowledge about the Dutchbat UN soldiers in Srebrenica that stood by as an entire town was massacred.

Next month I will turn thirtytwo. I has been twenty years since I first participated in a CISV programme and came back as a 'global citizen'. I then firmly believed that my generation of intelligentsia would be able to find a peaceful solution.


And now, I don't want to turn on the telly anymore, nor check Facebook or Twitter. I see my fellow CISV friends bitching at each other and I lose hope.

I feel like Doris Twitchell Allen might have failed.

maandag 21 juli 2014

Vasthouden

Het lukte even niet, echt leuke dingen bedenken. Het is niet dat ik niets meemaak, maar er zit de afgelopen tijd alleen maar stront in mijn hoofd. Allerlei verliefdigheden en mierzoete gedichten die ik echt nooit op enige blog zou zetten omdat ik mezelf dan uberhaupt nooit meer serieus kan nemen.
Bah. Ik ben juist zo goed in het beschrijven van de humor in ellende. Maar als je niet stilstaat bij je ellende en alleen maar als een lammetje lief zit te blaten, dan komt er niets uit. Ja, er komt wel iets uit. Bêêêhhh.
Ik kan al die superzoetigheden niet aan. Ooit walgde ik van die stelletjes die elkaars hand vasthouden in de trein, of kussen in de bus. Mensen die eeuwig aan elkaar vastgeplakt lijken. Ik noemde ze altijd 'Velcro couples' ofwel klittenband.
Onlangs werd ik er door mijn beste vriendinnetje I. op gewezen dat ik zelf in slechts enkele weken van een taai wijf met droge humor een weeig poppetje ben geworden.
Ik word aggressief van mezelf en wil ergens tegen aan schoppen. Ik bén weeig, en ik kan er heel weinig aan doen.
Verhalen gedijen nu eenmaal beter met ellende...

En nu ís er ellende. Toen ik een paar maanden geleden van de operatietafel kwam werd ik wakker met de verdwijning van een vliegtuig dat intussen nog steeds niet gevonden is. En nu word ik van mijn roze wolk afgetrokken door de ramp van een volgende. Een paar maanden geleden had ik de hoop dat de vermissing van MH370 een complot zou zijn, en hoop geeft een goede aanzet tot grappen. Met het verlies van MH17 zijn er geen grappen te maken. Alleen de crue opmerking dat het nu echt zuigt om aandelen Malaysia Airlines te hebben, want die vallen bijna net zo snel als de 17.

Als ik de kranten er op na lees, mag ik geloven dat iedereen wel iemand kende op de vlucht. Dat de passagiers een afspiegeling waren van de Nederlandse maatschappij; hoog en laag opgeleid, oud en jong, blank en niet blank.
Ik kende niemand echt. Het feit dat ik een persoon die verongelukt is wel eens heb gezien, doet mij iemand niet kennen. Maar dat zijn foto, en met hem vele andere foto's van mensen die ik nooit eerder heb gezien, rond geslingerd wordt op Facebook, maakt dat het lijkt of ik hen ken. Alsof al mijn vrienden iemand lijken te kennen. Ik besef dat we de slachtoffers niet perse kennen, maar vooral herkennen in ons zelf.
We herkennen ons in de wereldverbeteraar, de avonturier, de student, de bloemist en de huisvrouw. We herkennen ons in de arbeider die snakte naar vakantie, de vader die dacht naar huis te gaan, de supporter die dacht zijn team aan te moedigen.
We herkennen hoe het is om blinde pech te hebben (of juist geluk; er zijn een aantal die de vlucht gemist hebben). We herkennen de angst om iemand die je lief hebt kwijt te raken. En dat het best menselijk is om verdriet te voelen.

Ik ben wat betreft publiek vertoon van affectie de laatste tijd dus wat milder. Het kussen in bussen mag van mij nog steeds bestraft worden met een bak ijswater, maar wat vaker iemands hand vastpakken, gewoon omdat het kan en de ander daar misschien ook behoefte aan heeft; wellicht wordt de wereld daar wel beter door.






En als je vrienden met een muzikaal pareltje doorkomen, mag dat wat mij betreft ook best gedeeld. Thanks Tinus :)

dinsdag 8 juli 2014

Kikker

Ik zag vandaag een kikker.
Ten minste, wanneer is een kikker nog een kikker?
Hoewel hij nog wel herkenbaar was als een kikker, was hij plat.
Overreden door een fiets, en ik dacht: wat jammer dat het een platte kikker is en geen platte pad.
Poëtisch gezien dan.

De fiets die hem overreden had, had zijn darmen door zijn bek naar buiten geperst. Dat klinkt best een beetje vies. Als de kikker iets anders zou zijn, iets groters, een hond of een kat, dan zou het ook echt heel erg vies en heel naar zijn. Maar het is maar een kleine kikker, die niet zichtbaar is als je er niet toevallig naar kijkt.

Op zijn darmen zit een vlieg, triomfantelijk in de zon.