vrijdag 24 februari 2012

Oscar

Aankomende zondag worden er in Amerika weer een aantal beeldjes uitgedeeld. Hoewel ik veel van films houd gaat dit evenement meestal aan mij voorbij. Ik heb geen televisie en laat opblijven om bij te houden wie wat gewonnen heeft vind ik absoluut niet de moeite waard. Natuurlijk is het leuk voor filmmakers en acteurs om een beetje erkenning te krijgen, maar ik word altijd een beetje onpasselijk als een bloedmooie actrice staat te janken op het podium en de woorden "Dit had ik echt nooit verwacht" uitstort. Dan denk ik: Echt? Als je genomineerd wordt, dan is de kans toch aanzienlijk groot dat je zo'n ding in handen gedrukt krijgt?
Maar goed. Over het algemeen zijn films die genomineerd worden redelijk goed en de moeite waard om te zien. Zo ook het volgende filmpje.
Van een vriendinnetje kreeg ik de link naar dit filmpje toegestuurd en tot dat moment wist ik niet dat het mogenlijk was om in een kwartier zo'n mooi sprookje te vertellen. Een sprookje over de schoonheid van stomme films en de liefde voor boeken.
Stomme films doen het dit jaar trouwens sowieso erg goed. Ik heb "The Artist" nog niet gezien, maar het is in ieder geval de voorspelde winnaar van de categorie "beste film".
Hoewel ik moet zeggen dat de hoeveelheid categorieen waarbij je in de prijzen kan vallen mij ook boven mijn pet gaat, de inzending van "the Fantastic Flying Books of Mr. Morris Lessmore" mijn absolute favoriet is. In de categorie "best animated short film" kan er voor mij maar een winnaar zijn. En daar wil ik best eens een nachtje voor wakker blijven om dat te zien gebeuren.



dinsdag 21 februari 2012

Bedrijfspoedels en valse Yorkshires

Ik zit in een cafe'tje te wachten op mijn volgende afspraak. Ik probeer mijn krant te lezen en rustig kopje koffie te drinken, maar ik word nogal afgeleid. Ik heb soms wel bewondering voor mensen die toch nog iets gedaan krijgen, terwijl er én een tv aanstaat met nieuws, en van die de bewegende balken onderin het scherm met de laatste nonsens, én de radio met nostalgische meezingers. Als ik hier zou werken zou ik met open mond starend die balk proberen te volgen, om het af te wisselen met hysterisch meezingen met Celine Dion.
Uiteindelijk wint het beeld het van de Metro. De ooggetuigenverslagen in deze kwaliteitskrant van de reddingswerkers die de prins hebben uitgegraven, de lawinedeskundigen en de afgeluisterde artsen kunnen mij niets nieuws meer vertellen. Het televisie scherm is deels rood gekleurt en in alle stilte (of eigenlijk met Shania Twain op de achtergrond) ziet het eruit dat Job ermee stopt.
Ik ben fan van Job. Ja, hij was totaal de verkeerde persoon om de PVDA meer populariteit te geven en hij was ook niet de goede man tegenover Wilders. Job is namelijk fatsoenlijk en degelijk. En met fatsoen win je het niet van een geblondeerde schreeuwlelijk. Job wordt door Wilders uitgemaakt voor bedrijfspoedel, maar andersom is Job te fatsoenlijk om de honden vergelijking terug te maken.
Wilders lijkt namelijk het meest op een valse Yorkshire. Een die bang is voor vreemde mensen die langs het raam lopen en dan onophoudelijk blijft blaffen naar de vermeende dreiging die hij denkt te voelen.

Direct na het nieuwsbericht is een programma in de zendtijd voor politieke partijen, en mijn vermoeden dat Wilders eens met Cesar Millan moet praten, wordt hiermee versterkt.

Het beeld laat shoppende mensen zien. Waarschijnlijk een doordeweekse dag op de Albert Cuyp. Het geluid staat uit, maar aan het rood-wit-blauwe vogeltje in de bovenhoek van het scherm vermoed ik dat de muziek enkel dramatisch kan zijn. Gelukkig word ik niet afgeleid door het drama, en ik zie.. mensen. Ik zie winkelende mensen, pratende mensen, bellende mensen, overstekende mensen. Elke hond zou het zien als mensen. Sommigen met hoofddoek, sommigen met baarden, maar desalnietemin zijn het overduidelijk mensen.
Een goed opgevoede hond ziet andere honden als honden. Cesar Millan stelt dat honden anders reageren op andere honden omdat mensen bang zijn voor die andere honden.
Aan het eind van het spotje komt Wilders in beeld en ik zie een angstige Yorkshire met geblondeerd haar naar me keffen. Wilders gaat door met haten, Job gaat terug naar het normale leven.
Dan kan je toch maar beter een trouwe, fatsoenlijke poedel zijn.

maandag 13 februari 2012

Schuifelen

Whitney Houston is dood.
Ik beschouw mezelf absoluut niet als fan van haar, maar zij is toch onuitwisbaar verbonden met mijn jeugd. Ik associeer haar altijd met Vlieland. De oudste groepen van mijn lagere school gingen daar altijd naar toe op schoolreisje. In de Vliehorst, een langwerpig gebouw van één verdieping, waarin de jongenskamer en de meisjeskamer in de beide uitersten van het gebouw lagen en de middelste ruimte dienst deed als eetzaal en activiteitenruimte. Op de eerste dag schreven we daar standaard een kaart aan onze ouders, waarna we vrij hadden en buiten exact het zelfde deden als op het schoolplein: voetbal, tikkertje en schommelen. We maakten in dat lange weekend excursies over het eiland, we gingen wadlopen, we speelden levend stratego en ik vond het allemaal geweldig interessant.
Tot die gevreesde laatste avond; Bonte avond én Disco.
Door bonte avond kon ik me nog wel heen worstelen. Ik vond acteren leuk, en toen hoorde ik nog niet bij mezelf dat ik heel erg vals zong. Bovendien werd van iedereen verwacht dat er wel netjes voor elkaar geklapt werd.
De disco daarna vond ik echter verschrikkelijk. De veiligheid van een publiek dat beschaafd klapte viel weg, en lekker gek doen en dansen werd op eens vreemd. Alle jongens stoven naar de limonade en de meisjes naar de badkamers om de van moeder geleende make-up bij te werken. En ik wilde wel dansen, maar het liefst zonder aangestaard te worden, dus in mijn eentje op de dansvloer durfde ik niet. Heel langzaam kwam de sfeer een beetje los. En toen het net leuk en gezellig werd, kwam Whitney Houston's grootste hit: 'I will always love you'.
Mierzoet.
Schuifelen.
Met je vingers nog net de schouders van de jongen voor je aanraken en van links naar rechts waggelen. Uit de maat. Elkaar zo min mogelijk aankijken om te voorkomen dat een van de twee zou gaan blozen. Niet schuifelen en gewoon aan de kant staan was geen optie, want dat was niet cool. Het was vier en een halve minuut lang lijden of geleid worden.

En nu, negentien jaar later, is Whitney dood. Ik luister nog maar eens naar die hit waarop ik voor het eerst in mijn leven met een jongen danste.
Mierzoet en verschrikkelijk, maar ook... onvergetelijk.



woensdag 8 februari 2012

It giet net oân

Ik hou niet van schaatsen.
Dat zeg ik nu. Om de zelfde reden dat ik niet van valentijnsdag houd als ik geen kaartje krijg, ik niet van het Nederlands elftal houd als we tegen Spanje in de finale staan.
Van het woord 'elfstedentocht' kan gezegd worden dat het een van de meest uitgesproken, en opgeschreven woorden van deze week. En herhaling werkt. Vorige week was mijn enthousiasme over de tocht der tochten nog afwezig. Sterker nog, ik was eigenlijk blijer met de sneeuw, omdat sleeën en sneeuwballen gooien mij plezieriger voorkwam dan wankelend en stuntelend over die ijsvloer voortbewegen. Daarnaast heb ik een angst voor wakken die tegen het paranoide aanzit.
Toch, toen mijn buurman het speelplein naast ons huis besproeide, afgelopen woensdagavond, begon er iets te kriebelen.
Instant zwart ijs, met de veiligheid van asfalt en de vage belijning van wat voorheen een basketbalveld was. En donderdagmiddag stonden er ongeveer tien kinderen op. En zondagmiddag waagde ik het er ook maar op. Maandag was mijn angst zo geslonken dat ik op de Rijn en Schiekade heen en weer heb gerend, en zelfs heel even op de Witte Singel heb gestaan. Vandaag was ik er inmiddels van overtuigd. Ik ben geboren om te schaatsen. De schaatsen van mijn moeder, die gebruikt ze hoogst waarschijnlijk toch niet meer, worden uit het vet gehaald. Ze zitten als gegoten, niets afdoend aan het feit dat ze al vijftig jaar oud zijn.
Ik ben er klaar voor. Komend weekend ga ik naar Friesland. Om te kijken, van af het ijs.
Dan het nieuws. De elfstedentocht gaat niet door. Ik ben teleurgesteld. Een teleurstelling waar ik overmorgen wel weer overheen ben, maar het was toch mooi geweest. Het zou geweldig geweest zijn, net als ik dit jaar wel een valentijnskaart zou krijgen en het Nederlands elftal de EK-beker dit jaar mee naar huis zou nemen.

dinsdag 10 januari 2012

Dicht

Liever zeg ik opener.
Laat ik de sleutel buiten hangen
en zie met armen uitgespreid
hoe jij mijn luchtkasteel naar binnen klimt
en je van regel en dicht bevrijd.

Liever laat ik woorden
het licht naar binnen schijnen,
en toon je hoe je zinnen kneed.
Om ze dan op dromen te laten drijven
of te laten plonzen op het tafelkleed.

Liever zie ik ideeen
dansen met de onwaarschijnlijkheid
jou horen zingen met een pennenstreek
een lijn die plots een landschap leek
het papierwit als een zonnige weide

Ja opener vind ik toch iets lichter.
Dan het dicht van het zware dichter

donderdag 5 januari 2012

Compliment

Het is niet niks. Als iemand je verteld dat naast de grappen die je maakt, de knuffels die je geeft en het luisterend oor dat je biedt, je onmisbaar bent om het volgende:
"Marie, jij maakt echt de allerlekkerste chocolademelk".

En dat is nou net het makkelijkste van alles, en tegelijkertijd niet geheel onbelangrijk.

Misschien heb je zelf een knuffel nodig. Omdat het regent, en je een uur tegen de wind hebt ingefietst. Omdat je baas jouw inbreng niet geniaal vond. Omdat je liefste grootmoeder er niet meer is. Of omdat je nog steeds niet bent teruggebeld.
Maar misschien lig je juist lekker op de bank met een goed boek, of geniet je van je favoriete serie. Dan is het ook wel een goed excuus. Wil je echt het goede van de winter voelen?
Pak dan:
1 kopje koude melk (halfvol of vol. Magere melk is zonde)
1 thee-ei (of leeg theezakje) met lavendel
Gooi de lavendel in een pannetje, giet de melk eroverheen en laat langzaam warm worden.
In je nu lege maar vochtige kopje gooi je:
2 theelepels cacao.
2 theelepels honing.
3 theelepels bruine rum
en roer met een lepel tot dit een papje is.
Als de melk warm is (niet laten koken) vuur uitzetten, lavendel eruit halen en in je kopje gooien.

En dan moet je eerst gaan zitten. Bij voorkeur in je meest relaxte stoel, en dan een slok nemen...

En geef voor de verandering dan ook maar eens een complimentje aan je zelf.

dinsdag 3 januari 2012

Supermarkt

Dan sta je in de supermarkt, op de eerste maandag-eind-van-de-middag van het jaar. Hoewel de supermarkt maar een dag dicht is geweest dit weekend, lijkt het alsof iedereen zijn voorraadkast heeft leeggegeten en per direct zo veel mogelijk moet kopen om toch nog wat binnen te krijgen deze week. Ik heb niet zoveel nodig. Althans, ik weet dat er op het whiteboard in mijn keuken minstens acht items staan die op zijn en ik eigenlijk dringend moet kopen, maar van die acht heb ik alleen 'afwasmiddel' en 'vuilniszakken' onthouden.
Die hebben namelijk direct te maken met mijn goede voornemens: vaker afwassen en meer opruimen. Achteraf had het voornemen -vaker naar mijn whiteboard kijken- ervoor kunnen zorgen dat ik straks niet mijn tube tandpasta had hoeven open te knippen om het laatste restje eruit te wringen.
Tandpasta zit helaas niet in mijn gedachten. Wel het vinden van het begin van de rij van de kassa. Of zal ik toch even wachten tot de grootste drukte voorbij is?
Zo loop ik een beetje besluiteloos rond langs de huishoudelijke producten, de chips, de drank en land bij de tijdschriften. Net als ik een tijdschrift wil pakken word mijn aandacht getrokken door iets moois. Door iemand. Een meisje. Ik denk dat ze een jaar of vijf is en ze staat alleen, op twee meter van mij vandaan. De drukte aan mensen verstild als ik naar haar kijk, en naar hoe zij, heel langzaam een stuiterbal, die ze uit het schap gepakt heeft, heen en weer rolt over de vloer. Om vervolgens achter de bal aan te lopen en te kijken naar de glitters die er inzitten en door de lichtinval telkens anders kleuren. Het meisje volgt de bal, en mijn ogen het meisje. De stilheid die het gebeuren met zich meebrengt is enorm, enkel benadrukt door de snelle en ruwe afkapping van haar spel door een overhaaste moeder.
Het meisje wordt meegetrokken naar een nieuw geopende kassa, en de bal ligt in het gangpad van een overvolle supermarkt.